Tante Tiny's levensverhaal. |
||
| Dan had je ook nog de "cargadoors" (bruggetrekkers). In Amsterdam zijn sommige bruggen over de grachten erg steil omdat er dekschuiten onderdoor moesten. Omdat bakkers, melkboeren, groenteboeren en visboeren hun waar op handkarren vervoerden was het voor hen vaak een probleem hun zwaar beladen karren over de brug te krijgen. Bij onze school was zo'n brug en daar was een klein krom mannetje die een touw met een haak had en voor een paar centen een kar met dit touw over z'n schouder over de brug hielp. Een zo'n bekende figuur werd "Kikkie de Bruggetrekker" genoemd. Pa had een winkel gehuurd en we zouden een slijterij beginnen. We woonden boven de winkel. De zaak heette "De Drie Jagers" met een verwijzing naar de naam Jagerman. Maar de winkel liep niet. Wat ik me nog heel goed kan herinneren was dat op een heel koude winterdag alle flessen limonade en mineraalwater in de etalage stukgevroren waren. De inhoud hing in de vorm van ijspegels aan de buitenkant van de flessen. Ik was toen 12 jaar en leerde fietsen op de fiets van mijn zusje in één van de nog niet afgebouwde zijstraten van Het Plein. |
Mijn moeder werd ernstig ziek. De financiële situatie werd hopeloos. Joh trachtte diverse agentschappen op te zetten en reisde het hele land af, wat hij leuk scheen te vinden, maar later bleek dat dit niets opgeleverd had. Feit was, dat het meestal eindigde in een ramp. |
|
| Page 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 | 24 | 25 | 26
|
||